We zullen gaan ervaren hoe het werkt, we zijn benieuwd

De route van Pontarlier naar St Croix en Orbe doet echt Zwitsers aan.
Haarspeldbochten en koeien met bellen.
Naar St Croix was het gelijk behoorlijk klimmen en naar Orbe veel dalen en wat vlakker.
Van Orbe zijn we naar Lausanne gegaan. Onderweg veel koolzaad gezien, het was al hoog en geel. Net voor Lausanne kregen we ineens zicht op het meer van Geneve. Lausanne heeft een hele oude stadskern. Het is een wat luxueuze stad met deftige hotels. Het VVV had voor ons een leuk adresje, Ada’s logement heette het. We hebben er prima geslapen.

In Lausanne zetelt het IOC. Er is zelfs een olympische spelen museum
en een olympisch park. We wisten dit beide niet. We hebben spontaan
besloten dit museum een bezoek te brengen. De olympische vlam brandt
er voor de deur. En alle verschillende medailles van alle olympische
spelen zijn er te zien. En ook de verschillende toortsen waarmee de
vlam is binnen gedragen als de spelen geopend worden.
De eerste voorzitter van het IOC (in de huidige vorm) Pierre de
Coubertin ligt in Lausanne begraven.
In de kleuren van de olympische ringen zijn de kleuren van de vlaggen
van de over de hele wereld vertegenwoordigd.

Daarna op pad gegaan, want we hadden nog 30 km voor de boeg naar
Montreux. De hele dag langs het meer van Geneve gelopen, met zicht op
besneeuwde bergtoppen. En langs de boulevard allemaal geurende bloemen
en dieren gemaakt van allemaal dennentakken.
En aan de andere kant kilometers hadden we lang zicht op wijnbouw.
In Montreux hebben we onze tas in het hotel gebracht en terug gegaan naar de
boulevard. Daar waren erg chique hotels en een standbeeld van Freddy Mercury
(van Queen).
Het is een mondaine badplaats met een hoog "zonnebril" gehalte.
Naast het Palace hotel (500 ZW fr per nacht) streken wij neer op een
bankje, met zicht op de bergen en het meer in een heerlijk avond
zonnetje.
We denken dat er volgend jaar een nieuwe trend hier is, namelijk je diner
als avond picknick. We werden van alle kanten bekeken. Hoe deftiger
men langs kwam flaneren, hoe afkeurender er werd gekeken. Wij vonden
het een geweldig diner op een prachtige plek.

Na het meer van Geneve volgde er een dag wandelen langs de Rhone. Ook
dit was (weer) een bijzonder mooi deel van de route. De etappeplaats
op deze dag was St Maurice. We klopten aan bij het klooster en konden
er overnachten. Het is een "gemengd" klooster met broeders en zusters.
We werden door een broeder (in een zwart habijt met een wit koord)
waardig naar onze kamers gebracht.
De volgende ochtend werden we om 7 uur gewekt door het beieren van de
klokken van de kerk die bij het klooster hoorde. Daardoor al op tijd
op pad.
Via Martigny gelopen, daar is een museum over st Bernhard honden. In
Martigny stond aangegeven dat de weg over de col Gr St Bernhard nog
afgesloten is, vanwege de sneeuw, voor het verkeer. De weg van de
tunnel is wel open.

Navraag gedaan in Martigny en volgens de info konden we wel naar de col lopen.
Maar eerst moesten we nog een berg over van Martigny naar Sembrancher.
Halverwege stond er een bordje verboden toegang, ander bospad
geprobeerd, maar het was niet de goede richting. Op advies van 2
andere wandelaars toch de "verboden" route gaan proberen. Het lukte
niet, het was te gevaarlijk lopen. Dus terug naar Martigny, zo'n 3 uur
later stonden we er weer. De enige mogelijkheid was langs een zeer
drukke vekeersweg, met geen fiets of voetpad. Dit gedaan, we hadden
geen andere keus.
Bij aankomst in Sembrancher, het was inmiddels half 7, wel een
hotelletje, maar nog geen kamer klaar!!!! Of we een uurtje wilde
wachten, geen probleem, we zijn eerst gaan eten.
Tijdens het eten hebben we driftig overlegd wat te doen als we de col
echt niet overkunnen..........
Afgelopen week (een prachtige wandelweek qua natuur en weer) zijn we
veel met onze gedachten in NL geweest.
We kregen het bericht dat de man van "onze Willetje" overleden is. Op
z'n moment loop je toch ver van huis.
En Ada's vader is met hartklachten opgenomen in het ziekenhuis. Hij is
inmiddels weer thuis en moet wachten op verder onderzoek.
We hebben wel van deze week genoten, maar te weten dat er in NL
verdriet en zorgen zijn, maakt toch dat je het anders beleeft.
Een lieve Paasgroet voor allen, Lia en Ada

Dit is de tiende mail, d.d. 27 april 2011.
Italië,
Het driftig overleg had het resultaat dat we de volgende ochtend
gewoon van Sembrancher naar Orsieres zijn gegaan. In Orsieres is namelijk
een informatie centrum over de col St Bernard. Ze hebben voor ons
gebeld met het hotel op de col en die vertelde ons dat we beslist
speciale sneeuwschoenen nodig hadden. Door het warme weer van de
afgelopen weken is de sneeuw te zacht om op te lopen. De enige
mogelijkheid voor ons was dus de tunnel. We hadden zoiets van we zien
wel......

We hebben de weg genomen eerst tot Bourg st Pierre, daarna tot de
ingang van de tunnel van de St Bernardpas. Op dat punt konden we zien
dat er inderdaad sneeuw lag op de afgesloten weg naar de col.
Daarvandaan was het nog 7 km, helaas dus niet mogelijk voor ons zonder
speciale sneeuwschoenen. We vonden dit wel heel jammer, dat we de pas
niet hebben kunnen lopen. Want na we begrepen hebben, was het wel een
prachtig stuk lopen en een mooie plek om te overnachten op de pas.
Bij de ingang van de tunnel, hing een wit/rond verkeersbord met rode
rand, met een poppetje erin. Dus ook de tunnel was lopend geen optie.
Het enige wat we konden doen, was onze duim op steken om de tunnel
door te komen. 10 minuten later zaten we in een Italiaanse vrachtwagen
die ons de 5,8 km door de tunnel reed. We reden halverwege de tunnel
Italië binnen op 21 april om 15.50 uur. Onze voeten wilde wel lopen,
maar zo blijkt dat je niet alles zelf in de hand hebt.......

Na uitgestapt te zijn aan het einde van de tunnel hebben we in het
eerste italiaanse dorpje wat we tegen kwamen (St Rhemy en Bosses) een
hotelletje gezocht. En zo dus sneller dan verwacht Zwitserland weer
achter ons gelaten.
Italië ons 6de land, het land van (onze) (D)Rome(N)
Van het stokbrood naar het Zwitserse ongesneden ronde brood nu de
italiaanse bollen en ciabatta en brokken brood. Dit gaat hier in
Italië nog per gewicht.
Vanuit St Rhemy en Bosses afgedaald in het Aosta dal naar de stad
Aosta. De eerste pizza, cappuccino en Italiaans ijs zijn uitgetest en
goedgekeurd. Achteraf (nu in het 6e land) zijn we tot de conclusie
gekomen dat we in elk land ff moeten wennen.

We zijn ook nog niet gewend aan de Via Francigena boekjes, we moeten
regelmatig zoeken. Alle plaatselijke wandelingen zijn ook gele
bordjes. En we missen soms de clou in het engels. De route kaartjes
zijn niet zo gedetailleerd als we van de GR gewend waren. Dit heeft
tot gevolg dat we nogal eens op een grote doorgaande weg belanden. Maar
vele wegen leiden naar Rome.....
En zo belanden we van Aosta in Chatillon, waar we de paasdagen
doorbrachten. In een heel leuk hotelletje, gerund door 2 mensen op
leeftijd. We hadden gesprekje gehad over waar we vandaan kwamen en wat
ons doel was en dat we dus de paasdagen uit kwamen rusten. Nog geen 10
minuten later werd er zachtjes op de deur geklopt en kwam mevrouw 2
paar pantoffeltjes brengen.

Tussen Chatillon, Hone en Ivrea grotendeels langs een rivier gelopen,
de Dora Baltea. Er zijn nog steeds hoge rotsbergen en besneeuwd, nog
een beetje Zwitserland idee. Je loopt echt in een dal, aan 2 kanten
hoge rotsen.
Hoe verder we Italië binnenkomen hoe meer Italiaans het wordt
(logisch) oude dorpjes, smalle straatjes, ijzeren "Franse" balkons,
veel trappetjes en oude boogbruggen.
We gingen van Ivrea langs Lago (meer) de Viverone naar Santhia. We
horen regelmatig al de koekoek.
De groententuinen zijn al "oogstbaar" en we eten al aardbeien van de
koude grond. De kersen beginnen al rood te kleuren en de maïs staat al
een stuk boven de grond.

We hebben nog een tip voor het Europees parlement, maak alle
elektriciteits netwerken gelijk in Europa. We hebben in elk land nog
problemen met de dompelaar. En nu dus in Italië weer een andere
stekker nodig. Maar het is weer opgelost en voor koffie doen wij
veel......
Ciao, Lia en Ada
Dit is de elfde mail, d.d. 4 mei 2011.

MAMA MIA PIZZERIA !!!!!!
De titel verwijst naar de enorme hoeveelheid pizzeria's. In de kleinste
dorpjes zit er wel 1 of 2.
En we kijken onze ogen uit naar de ruime keus aan pasta's in de
supermarkten. Spaghetti gaat hier op dikte net als breinaalden bij
ons. En vaak per 2½ kilozak.
Tussen Santhia, Vercelli, Robbio, Mortara, Tromello en Garlasco is het
vrij vlak, veel akkerbouw en enorme hoeveelheden water op de velden.
(Zouden ze soms naast alle pasta soms rijst verbouwen ?????)
Het is waar...... er wordt hier in de streek echt rijst verbouwd.
Velden vol. Het is heel bijzonder er tussen te lopen op een smal pad
met aan beide kanten de rijstvelden.
Vercelli is bekend van de rijst en het is een van de oudste steden van
noord-Italië.

We hadden 2 boeken van de Via Francigena route. 1 is er inmiddels al
uit en we beginnen er een beetje aan te wennen. De route staat ook wat
beter aan gegeven en leeft meer in de dorpen waar we onderweg komen.
We zijn nog ongeveer 675 km verwijderd van Rome.
We worden onderweg regelmatig aangesproken, de taal is dan een
probleem, maar we proberen woorden te leren en soms met handen en
voeten.
Zo liepen we Tromello binnen en hoorden we het luiden van de
kerkklokken. Toen we er langs liepen wilde er net een bruidspaar naar
binnen gaan en we bleven ff kijken. We werden op de schouders getikt
en in rap italiaans kwam er een heel verhaal. Wij geprobeerd (want ook
dat valt niet eens mee) die man uit te leggen dat we het niet snapten.
Hij gebaarde ons mee te lopen en riep een mevrouw erbij. Die mevrouw
ging bellen, we snapten er nog steeds niets van want wij stonden alleen naar een
trouwerij te kijken. Die mevrouw ging 2 barretjes binnen en ging weer
terug en ging opnieuw bellen. We hebben alle talen uit de kast
getrokken, maar konden elkaar niet begrijpen. En we wisten totaal niet
wat ze allemaal op touw aan het zetten was.

We zijn elkaar niet begrijpend, uit elkaar gegaan. En in 1 van de
barretjes koffie gaan drinken. Toen we net zaten kwam er weer een
andere onbekende man aan ons tafeltje zitten en vroeg of we pelgrims
waren. Dat konden we nog snappen. Dit bleek achteraf de man die
opgetrommeld moest worden in Tromello. Hij was coordinator van de Via
Francigena daar in de regio. We moesten blijven wachten want hij had
een presentje voor ons. Even later kwam hij terug met een soort mini
oorkonde met een lint van de italiaanse vlag erom heen en een zegel
van de stempel van de Via Francigena. Hij heeft ons het hele dorp uit
begeleid op de route waar we heen moesten.
We trekken al een aantal dagen op met een italiaanse vrouw, een mede
pelgrim. Zij oefent engels, wij italiaans. Overdag lopen we meestal
niet gelijk, maar 's avonds treffen we elkaar in dezelfde herberg. Het
is in Italië gebruikelijk om een pelgrimsherberg een dag van te voren
te bellen. Zij regelt dit voor ons dat is reuze fijn. Want dat is voor
ons geen doen in het italiaans. Nu in Italië zijn meer mogelijkheden voor
pelgrims om te overnachten.

Tussen Garlasco en Pavia een dagje met de italiaanse mede pelgrim een
dagje opgelopen. We liepen een prachtig stuk langs de rivier de
Ticino, een zijrivier van de Po.
In Pavia overnacht (3 km buiten de stad) in een stacaravan op een
camping, wel heerlijk, strak blauwe lucht en 25 graden.
Afgelopen week wel wat regen gehad, 2 maal een uur. En op een middag
liepen we tussen 2 onweersbuien, 1 links van ons en 1 rechts van ons.
Pikzwarte lucht en wij hadden daar tussen in alleen wat motregen. Net
toen er boven ons een enorme bui los barste konden we schuilen in een
kerkje. Het was maar goed, anders waren we tot ons hemd nat geworden.
Na een uurtje konden we droog de weg weer vervolgen.

Vanuit Pavia naar Santa Cristina. Op deze route veel jasmijn en
klaprozen het geurde er heerlijk. En nog steeds veel rijstvelden,
alleen is nu het water eraf. Ook van santa Cristina naar Piacenza met
mede pelgrim opgelopen. Een lange dag, grote afstand. Op deze dag
moesten we de rivier de Po oversteken. Gelukkig wist Michela dat je
een dag van te voren, de boot waarmee je overvaart moest bellen. Bij
aankomst op de afgesproken plek moesten we een uurtje wachten (32
graden en pal in de zon, gelukkig wel een bankje) We konden er rustig
ons brood eten met gesmolten boter en gesmolten kaas. Wij dachten dat
we met een soort veerboot overgezet zouden worden, maar het was een
heel oud motor bootje. Het schommelde en we pasten er met ons drieen
en de rugzakken net in. De schipper zei lachend het is de Titanic. Zo
zijn we 4 km de Po afgezakt en konden daarna onze weg vervolgen naar
Piacenza. Hier afscheid genomen van onze italiaanse mede pelgrim, want
wij hebben een rustdag en zij gaat nog 2 dagen verder en dan zit haar
vakantie erop.
Wees allen zuinig op deze mail, want we zijn vanaf 11 uur bezig
geweest deze verzonden te krijgen, jullie kennen het wel he van het
kastje en de muur......
Arrivederci, Lia en Ada
Dit is de twaalfde mail, d.d. 11 mei 2011.
BEZOEK.

4 mei waren we in Piazenca (verjaardag Ada). We hebben er een gebakje
op genomen. In Italië zie je alleen petit fourtjes en kleine koekjes.
Gebak zoals wij het kennen (nog) niet gezien. En we hebben heerlijke
Spaghetti met asperges op als lunch. Wij vonden Piazenca geen
indrukwekkende stad, maar voor een kerkliefhebber is het een waar
paradijs. Alleen in de binnen stad waren er al meer dan 25.
De natuur na Piazenca heeft naast maïs en graan heel veel velden vol
met tomatenplantjes. We hebben gezien dat ze handmatig gepland werden
uit kweekbakken met vakjes van 1 cm bij 1cm. Echt duizenden.
In de verte doemen de eerste heuvels weer op. Op de route van
Fiorenzuola d'Arda naar Fidenza ontbraken een aantal route bordjes. We
kunnen dit al aardig inschatten en met wat gepuzzel komen we er wel
uit. Het lukt niet altijd, zo kwamen we bij een riviertje en de brug
was weg...... En zo moesten we dus een stuk terug om via een omweg
Fidenza te bereiken.
Het was heerlijk weer, we hebben een terrasje
gepikt. We namen wat te drinken en kregen er 2 schaaltjes chips bij.
We dachten dat is lekker, maar helaas ze waren taai. Ada zei heel
droog; "ze zijn zo oud als de weg naar Rome" ....... Je ziet hier
regelmatig allerlei hapjes op de bar staan, stukjes pizza, vleeswaren,
olijven en iedereen mag pakken. Het komt heel gastvrij over.
Vanaf Fidenza direct de heuvels in, met af en toe alweer een best
pittig klimmetje. En heuvels betekent ook weer vergezichten. Naast de
jasmijn nu ook weer wijngaarden en brem.

Wat we nog steeds niet geschreven hebben is over het inwisselen van
het zwitserse geld wat we over hadden. We gingen er mee naar een bank
in Italië, die verwees ons naar een andere bank en daar duurde het een
half uur voor dat het zwitserse geld euro's werden. (paspoort
kopiëren, formulieren invullen, deze werden weer gecopiëerd). Conclusie
het is makkelijker het geld bij de bank uit de muur te halen dan door
de deur naar binnen te brengen.
We zijn inmiddels gewend het paspoort bij de hand te hebben, want
overal wordt er naar gevraagd. Bij de bieb, internetcafé, hotels,
pelgrims onderkomens, er zijn al heel wat copieën in Italië van ons in
omloop. Alleen bij de bakker kun je nog zonder paspoort je brood
kopen.
En vanaf Fornovo di Taro begon het echte werk, het was 30 km berg
opwaarts. Langs Cassio en Berceto (daar overnacht). Hier was
straatmarkt en dorpsfeest met muziek. Toen over de Passo delle Cisa.

De volgend ochtend vroeg vertrokken om op tijd in Pontremoli te zijn.
Het was nog een klein stukje klimmen naar de pas en daarna alleen maar
afdalen. We arriveerden om 13 uur in Pontromoli, waar we een terras het
bezoek (broer Lia, Wim en Gerda en de kids) afwachten. Zij waren op
vakantie in Italië en konden het zo plannen om een dag met elkaar op
te trekken. We hebben gezamelijk in een B en B geslapen. Het was erg
leuk hen weer te zien en te spreken na 10 weken. 1 van de kinderen
zei;" ik heb maar mijn roze t-shirt aangetrokken wat ik van jou
gekregen heb, anders was ik bang dat ik je niet zou herkennen".
Pontremoli is een leuke plaats, echt oud en italiaans. het ligt aan
een riviertje, waar de kids zich prima vermaakt hebben.
De volgende dag om 13 uur elkaar weer gedag gezegd. Zij vlogen 's
avonds weer terug naar Nederland en wij hebben de 25 km naar Aulla nog
gelopen.

Velen van jullie vroegen/mailden hoe het met Ada d'r vader is, maar hij
wacht nog steeds op een oproep voor hartcatheterisatie. Hij is nog
niet de oude. Dus afwachten.
Wij vinden het erg leuk dat vele van jullie reageren op onze mail,
heerlijk om te lezen, daar genieten we van. Het lukt ons gewoon niet
om iedereen terug te schrijven, want we willen ook nog lopen........
Dus nu gaan we weer op stap, vandaag naar Sarzana......
Tot mails, Ada en Lia.
Dit is de dertiende mail, d.d. 14 mei 2011.

TOSCANE
Het is behoorlijk warm hier z'n 27 graden. In mei ook tot nu toe geen
regen gehad, het is heel bijzonder. Het einddoel begint al wat meer in
onze gedachten te komen. En we kijken er naar uit om in Toscane te
gaan lopen. Van veel mensen gehoord dat dit schitterend moet zijn. We
zijn benieuwd.
Na Aulla nauwelijks akkerbouw meer, nu heel veel olijfbomen en
palmbomen. We horen veel krekels en af en toe schrikken we enorm van
een slang, die weer schrikt van ons. En dan weg glijd in de struiken,
brrrr.
In Sarzana kwamen we heel mooi aanlopen via een heel oude stadspoort.
En ze hadden het lekkerste italiaans ijs van heel Italie dachten wij.
In Sarzana pittoreske, nauwe straatjes en het ligt aan de rivier de
Magra. De oorsprong van de familie Bonaparte (Napoleon) ligt in
Sarzana. We hebben in Sarzana een Duitse mede pelgrim ontmoet. Hij was
in Canteburry aan deze route begonnen. Hij is een week later als wij
wel lopend de St Bernhardpas overgegaan.

Maar de laatste 3 km had hij
erg veel problemen naar de top gehad. Hij had er 2 uur over gedaan. En
elke derde stap die hij zette zakte hij tot boven de knie in de
sneeuw. Hij had het geluk dat er op een gegeven moment sneeuwstokken
langs de kant van de weg stonden. Anders had hij nooit het verschil
geweten tussen de weg, de piste en de afgrond. Hij zei dan ook dat het
hem niet gelukt was zonder deze sneeuwstokken. Toen we dit hoorden
waren we blij dit niet gewaagd te hebben en de tunnel te hebben
genomen.
Na Sarzana richting Luni. Daar zijn romeinse opgravingen,
o.a. een amfitheater.
Daarna een dag langs de middellandse zee gelopen, naar Pietrasanta.
Pietrasanta heeft een historisch centrum. Er hing een echt italiaanse
sfeer, met pleintjes, terrassen en hier en daar muziek. Op de trappen
van de dom zat een man viool te spelen.

Na Pietrasanta opweg naar Lucca, inmiddels Toscane. Na 4km de route
alweer kwijt. En een uur aan het zoeken geweest in het bos. Toen
stonden we oog in oog met een herdershond, met behoorlijke tanden en
een grommend keelgeluid. We waren nogal geschrokken. Toen we
onverwachts elk een kant op vlogen, wist hij niet wat te doen en droop
af.
Met verbazing, trillende benen en opluchting konden we onze weg weer
vervolgen. Na veel kruip door en sluip door, geen markering (hoe doe
je dat op de fiets!!) bleek dat "het" pad te zijn en zaten we weer op
de goede weg.
Ze hebben het ons inziens wat al te letterlijk genomen
dat alle wegen naar Rome leiden. Dit was dan ook de zoveelste keer dat
we aan het tobben geweest zijn. We moesten even ons hart luchten, Lia
stampvoetend en Ada boos en in tranen (die stampvoet niet met blaren).
We hadden in deze 5 km onze hele dag energie al verspeeld. We durfden
deze dag de route niet meer op te pakken en hebben de weg genomen naar
Lucca. De weg was zeker niet minder mooi, maar wel veel verkeer, die
weinig ruimte laten voor wandelaars.

We zijn niet de enige begrijpen we onderweg die tobben met deze route.
Een groep van z'n 20 italianen hadden niet eens geprobeerd de weg door
het bos te vinden en waren gelijk al langs de weg gaan lopen en hebben
zelfs een stuk de bus genomen.
Nu we toch aan het zeuren zijn. Ada heeft nog steeds last van blaren.
Onlangs nog 1 naast de grote teen, zo groot als een pepernoot. En elke
dag is het een suprise (om in sinterklaassfeer te blijven) als zij
haar sokken uit trekt, waar een oude of nieuwe blaar opgekomen is.
Maar........ de leuke oude italiaanse dorpjes, de gezellige sfeer, het
heerlijke weer, de prachtige groene natuur en de vele bloemen maken
veel goed.

Soms lopen we vrij lange stukken, dan oefenen we altijd de
etappeplaatsen. En de slaapgelegenheden om de herinnering levend te
houden. Van Woudenberg naar Lucca inmiddels al een hele rij.
Een paar plaatsen/momenten willen we toch even met jullie delen.
In Fidenza sliepen we in een monnikken klooster, behorend tot de
Cappucijnerorde (bruine pij en wit koord) die monnik had een baard tot
zijn navel. En wat wilde het geval, we hadden voor ons doen een
uitgebreidde en luxe maaltijd (sla, verse aardbeien, diepvriespasta
uit de magnetron en verse tiramisu) halverwege onze maaltijd kwam de
monnik binnen en nodigde ons uit voor de warme maaltijd. Wij wisten
echter niet dat dit de bedoeling was en verontschuldigde ons. Hij gaf
ons de boodschap mee, dat de pelgrims de laatste jaren ook niet meer
waren, zoals het vroeger was. We denken dat hij onze "uitgebreide"
maaltijd bedoelde. Want daar keken zijn ogen spiedend naar......

Het tweede verhaal, dit was in spiritueel centrum Santa Maria.
Schitterende plek op een berg bij Fornovo di Taro. Het lag 3 km buiten
het centrum en dit na 35 km is wel even door zetten, maar het werd wel
beloond. We werden ontvangen door een jongere uitgave van Whoopi
Goldberg (van Sisteract) met dezelfde huidskleur en ontdeugende ogen
(allen blauw wit kostuum en kapje) en naar een zeer oud mini huisje
gebracht. Ze "vloog" over het terrein en regelde veel in een mum van
tijd. Lia sliep hier in een hoog/laag bed. 's avonds wilde ze het
licht uit doen en trok aan het touwtje boven haar bed, dit bleek de
zusterbel te zijn. Gelukkig kwam er niemand.
De douche was super nieuw en voor invaliden aangepast. Het was er erg
druk met allerlei groepen, wat iets gezelligs had.
Het derde wat we jullie niet willen onthouden was de ontvangst in
Sarzana. We werden kortaf verwezen naar de kerk, waar een mevrouw ons
meenam naar een bijgebouw. In een soort cathechisatielokaal. De banken
werden aan de kant geschoven en ze haalde 2 matrassen (met een
zichtbaar verleden) en daar lagen we op de grond. We sliepen er prima
na een vermoeide dag.

Ada moest bij de pastor komen voor een stempel en de donatie. Hij vond
dat ze op Beatrix leek, net z'n uitgestreken gezicht.....!!!!
De er voor in Aulla was het omgekeerd. Daar werden we zeer gastvrij
begroet door de pastor met een handdruk en werden ontvangen met koffie
en cake. En een fles koud water van 2 lt. Want dat was belangrijk voor
wandelaars zeiden ze.
Zo, jullie lezen wel dat we veel ervaring opdoen en op de wat "saaie"
stukken dus veel te verhalen hebben.
Een lieve groet voor allen, Lia en Ada
Dit is de veertiende mail, d.d. 19 mei 2011.
2000 KILOMETER
Lucca is een leuke stad. De gehele stadsmuur is nog intact. Je kunt er
over fietsen en wandelen. Er waren 10 hoek torens waarvan er nog
enkele staan. En je moet via een toegangspoort de stad in en uit.
Er is een basiliek en een cathedraal. En een amfitheater. Wat nu een
druk een plein is. Er zijn vele kleine winkeltjes, eetgelegenheden en
terrasjes waar toeristen graag gebruik van maken.
We hebben de gehele stad doorkruist en de stadsmuur 's ochtends en 's
avonds rondgelopen. En heerlijk versgemaakte lasagna gegeten. Die
bladen uit een pakje in NL zijn al best lekker, maar deze versgemaakte
bladen zijn super.

Na Lucca, via Porcari, Altopascio naar Ponte a Cappriano. 's ochtends
wat kleine buitjes gehad, nauwelijks noemenswaardig en niet koud.
We slapen in een herberg op de brug. Soort brugwachterswoning. En
slapen dus boven het water met heel mooi uitzicht. Er ligt een rij
glazen tegels op de vloer, waardoor je in de kamer op het water kijkt.
Heel apart.
Op weg naar Castelfiorentino door San Miniato gekomen. Een dorpje op
een heuvel met mooie gebouwen en huizen. We lopen door de heuvels met
cipressen, olijfbomen en druiven. En af en toe een dorpje. Inderdaad
de Toscane is werkelijk prachtig. We kwamen via Gambassi Terme, hier
zijn thermaalbaden. Wat later liepen we op een boerenlandweggetje, van
gravel tussen de olijfbomen en de wijngaarden.

Toen stopte er een auto
naast ons. De man achter het stuur vroeg of we toeristen of pelgrims
waren, wij zeiden pelgrims. Zijn hand graaide naar de achterbank en
toverde 2 sinaasappels voor de dag. En voor we het wisten was hij weer
verdwenen. Het was heerlijk op deze warme stoffige weg.
Als je op z'n gravelweg loopt merken we dat onze "banden" behoorlijk
zijn gesleten. Er zit weinig profiel meer onder de schoenen en de
stenen beginnen dus voelbaar te worden. Dit past wel bij deze 2 "halve
zolen".....
We hebben onze route wat anders ingedeeld en zijn gestopt in San
Gimignano. Volgens sommige het mooiste stadje van Italie. Je kwam er
heel mooi aanlopen, het ligt op een heuvel en je ziet de vele torens.
In 998 was het al een dorp. Er is veel ouds bewaard gebleven. 14
torens van de 72 zijn nog intact. Het hart van de start heeft 4
pleinen. Wat ook bewaard gebleven is zijn 2 van de 5 kloosters. In 1
daarvan konden wij overnachten. We hadden er een schitterend uitzicht
over de hele Elsa vallei.

Het klooster had een patio en er heerste een serene rust en sfeer.
Helaas is Lia bij het ophalen van de was met haar teenslippers van het
trapje gevallen. Ze heeft zere ribben en een zere hand. Ada zei als je
wilt stoppen kun je het beter gewoon zeggen en hierbij kreeg Lia terug
wat ze 2 jaar geleden tegen Ada zei. (2 jaar geleden naar Santiago was
Ada namelijk gevallen)
Gelukkig hadden we wat kortere etappes en konden we "gewoon" op weg
gaan. Inmiddels gaat het weer goed. En Ada na Lucca geen blaren meer.
Sttttt....
De volgende ochtend nog een keer het stadje rondgelopen voor de
toeristenstroom weer opgang komt.

We blijven in de heuvels lopen nu op weg naar Monteriggioni. Ook dit
ligt op een heuvel en is vanoudsher een kasteel, Waarbij nu de
binnenplaats van het kasteel het plaatsje is. Lieflijk, klein en zeer
sfeervol.
NET VOOR MONTERIGGIONI BEREIKTEN WIJ DE 2000 KILOMETER!!!!!!
Elke ochtend als de luiken (van onze ogen en de ramen) open gaan is
daar de zon. Dit is zo'n extra toegift op onze reis, dat is iets om
dankbaar voor te zijn, en dat zijn we dan ook.
Na een korte etappe naar Siena (vandaag) hebben we genoeg tijd om de
stad te bekijken.

We zien inmiddels Rome op de borden komen en beginnen wel een beetje
de kriebels te krijgen. Nog 284 km te gaan......
In NL hadden we de leus "Rome we kome"!!!! het begint erop te lijken,
maar in Elst zouden ze zeggen "er stroomt nog veel water door de Rijn"
voor het zover is. En in Woudenberg zeggen ze "prijs de dag niet voor
het avond is"
In Siena overnachten we bij de zusters der Barmhartigheid. We snappen
inmiddels ook waarom de zusters vesten dragen met zakken......!!!!
We kunnen er vanavond mee eten, om 20.15 worden we verwacht. We zijn
benieuwd hoe dat zal gaan. Wordt vervolgt........
Ada en Lia
Dit is de vijftiende mail, d.d. 25 mei 2011.
MEER VAN BOLSENA
We waren om 12 uur in Siena. Eerst heerlijk op het centrale plein "il
Campo" gezeten. Bij een mooie fontein op een muurtje, mensen zitten
kijken. Op dit grote plein worden 2 maal per jaar paardenraces
gehouden. Daarna onze spullen weggebracht en na het douchen de stad
weer in. Wij vonden het een prachtige stad. Er is teveel te zien om op
te noemen, dus als je er in de buurt bent is het zeker een bezoek
waard. Wij moesten om 20 uur weer terug zijn voor de warme maaltijd.
De maaltijd bestond uit de opgewarmde restanten van de middag. Tussen
de middag is er een maaltijdopvang voor dak-en thuislozen......
De volgende ochtend kwamen we ook niet weg zonder ontbijt, de zuster
stond pontificaal in de deur waar wij eruit moesten. Ze had heerlijke
koffie gezet met warme melk!! En we kregen kokoskoekjes en
"maria"koekjes, wij schik.

In de natuur is het inmiddels minder heuvelachtig maar meer glooiend.
Na Siena moet de route tot Rome beter gemarkeerd zijn. En tot nu toe
is dat ook zo.
Het is zo warm dat onze hollandse wenkbrauwen en wimpers er niet op
gemaakt zijn. We hebben regelmatig dat er zweet en dus zout in onze
ogen druipt. We wassen momenteel elke dag onze kleren uit. Als we
aankomen zijn ze helemaal wit uitgeslagen en drijfnat.
Het zuiden van de Toscane is echter ruiger van natuur. En naast het
graan veel tuinbonen en artisjok. We hebben de Toscane inmiddels
achter ons gelaten en zijn Lasio binnengestapt. We zien hier veel
bossen, aardappelbouw en veel vijgen- en kersenbomen. En af en toe op
de heuvels een schaapskudde. Verder weinig veeteelt.

Onze indruk van de italiaanse bevolking is dat ze vriendelijk,
behulpzaam en zeer gastvrij zijn. Zo waren we in Ponte d' Arbia. In
het gebouw waar we sliepen werd 's avonds een film gedraait. We werden
hiervoor uitgenodigd. Wij zeiden dat verstaan we niet, toen kwam de
maakster van de film en zei: "het is een oostenrijkse documentaire",
over het leven van een geadopteerd jongetje en wordt italiaans
ondertiteld. Dus wij konden het volgen in het duits, en zaten we
onverwachts tussen de italianen film te kijken. Daarna werden we voor
de maaltijd uitgenodigd. Maar we hadden al warm gegeten en het was
kwart voor 10, dus voor ons zo langzamerhand bedtijd. Toen we de
volgende ochtend in de keuken kwamen, lag ereen briefje op de
restanten van de maaltijd, eet er van wat je wilt.
Leuk!!

Voor de route lezers: Onze route van afgelopen week:
We zijn van Siena, Isola d'Arbia, Ponte d'Arbia, Buenconvento naar
Torrenieri, San Quirico d'Orcia, Gallina naar Radicofani en vervolgens
naar Acquapendente gegaan.
In san Lorenzo Nuove ineens zicht op het meer van Bolsena. Ook in
Bolsena kwamen we mooi aanlopen. Via het oude stadsdeel. Dit gedeelte
is zo oud er woonde voor de jaartelling al mensen hier. En er zijn
restanten van een kasteel uit de 12-14 eeuw.
We genieten enorm van het weer. De zuidelijke sfeer, de italiaanse
keuken. Maar toch is het ook fijn dat het einde in zicht begint te
komen. Ons lijf begint vermoeid te raken (al is dit wel veel minder
als naar Santiago de Compostela, want daar sliepen we bijna nooit een
nacht gewoon).
Lia haar gekneusde rib is zo goed als hersteld, maar haar rechter voet
speelt op... Gelukkig zijn Ada's blaren over en kunnen we elkaar om en
om steunen.

Er is een man onderweg voor 3 jaar!!! Hij loopt 30 km per dag!!! Gaat
via 30 europese landen!!! En heeft als hij klaar is 30.000km
gelopen!!! (Hij komt nog naar NL)
Waar hebben wij het dan over he?!!
Maar wij zijn blij met onze tocht. En vinden dit toch ook een mooie prestatie.
We blijven hier in Bolsena 2 nachten een soort "hotel" onderkomen bij
de zusters MET dakterras.....
Ciao, Lia en Ada
Dit is de zestiende en laatste mail, d.d. 31 mei 2011.
ARRIVA A ROMA!!!!!
Na een heerlijke rustdag aan het meer van Bolsena zijn we aan de
laatste etappes begonnen. Eerst een korte etappe naar Montefiascone.
Dit ligt wat hoger en zo hadden we nog een mooi uitzicht op het meer
van Bolsena. Het wordt de parel van het noordelijke Lazio genoemd. In
Montefiascone hadden we snel gevonden waar we wezen moesten. Wij
aangebeld, maar er werd niet open gedaan, we hebben het na een uurtje
nogmaals geprobeerd. Maar helaas geen reactie. Er stonden verder ook
geen gegevens vermeld (sleuteladres, aankomsttijd) Dus wij gebeld.
Maar helaas we konden elkaar niet begrijpen. Het vvv was inmiddels
dicht. Maar... er liep net een politieagente die we om raad konden
vragen. Zij "gebood" ons mee te komen naar het bureau, ze sprak een
paar woorden engels en ze begreep dat wij het telefoongesprek niet
begrepen. Toen heeft zij voor ons gebeld en we zouden opgehaald
worden. De politieagente maakte eerst rustig de post open
(reclamefolders!!!). En zocht op haar gemak de pet uit een kast en wij
daar maar staan.
Toen we niet opgehaald werden bracht ze ons heel
gewichtig naar het klooster. Daar aangekomen begrepen wij eindelijk
wat er mis was. Het adres op zich was wel goed, maar we moesten in een
andere straat naar binnen dan waar we sliepen.
Inmiddels hebben we al heel wat klooster "ordes" ontmoet en ze zijn
allen weer verschillend, zowel van uiterlijk als van geloofsbeleving
en doelstelling.
Wat het meeste indruk maakte op ons, waren de zusters in Sutri, zij
treden in voor het leven en komen nooit meer buiten op straat. Ze
leven alleen binnen het klooster (de jongste is nu 27!) ze krijgen 1
maal per maand bezoek van familie en staan ons en anderen te woord
door een rooster. Het draailuik waar we onze stempelpas en geld
inlegde werd vroeger gebruikt als er baby's in het klooster afgegeven
werden. Dit leven kunnen wij ons niet voorstellen....

Na Montefiascone een korte etappe naar Viterbo, deze stad heeft ook
een groot middeleeuws stadsdeel (waar wij ook sliepen) daarna zelf via
de kaart gelopen langs het meer van Vico. Een beschermd natuurgebied
met bossen en heel veel hazelnoot bomen. We zijn gestopt in Sutri deze
dag.
In Viterbo mochten we bij een kerkelijk onderkomen absoluut geen
donatie achter laten.We waren hier met nog 2 andere (Italiaanse)
pelgrims. We zijn met z'n vieren gaan eten bij een restaurantje in de
buurt. Hier zat ook een pastor met zijn bezoek te eten. En de
italianen onderling raakte aan de praat. En vertelde dat we alle 4
pelgrims waren. Na de maaltijd wilde we gaan afrekenen, toen bleek dat
de pastor voor ons allen betaald had. En we kregen toen ook nog maar
een rondje van de zaak......
Sutri heeft een groot amfitheater en pre historische grotten. Daarna
richting Compagnano di Roma. Veel natuurgebied. Wij vinden Lazio dan
ook prachtig en doet niet onder voor de Toscane.
De een na laatste etappe brak aan een mooie route door het dal van
Sorbo. Na Campagnano eerst nog een heuvel te nemen met zicht op een
grote stad. Zou dat Rome zijn.......???
De aankomst in La Storta is direct al stads, veel drukte en verkeer
met grote winkels en bedrijven.

We hebben ons de laatste avond voorbereid op de "grote stad", en gaan
Rome inlezen. Dit deden we buiten, we hebben al een week temperaturen
boven de 30 graden. Het klooster onderkomen lag op een verrassend
stille plek in deze drukke plaats.
DE LAATSTE LOOPDAG BREEKT AAN.
Nog 16 km te gaan, met een beetje de
kriebels gaan we op pad. Het is langs drukke wegen. In Rome, via 1 van
de 7 heuvels waarop Rome gebouwd is aan komen lopen. Daar ineens
uitzicht over de stad. De koepel van het Vaticaan torent boven alles
uit. Daarna nog 2 km gelopen alsof er iemand op onze hielen zat. En zo
bereikten we via de Porte Angelica het Sint Pietersplein. Piazza San
Pietro zoals de italianen zeggen.
Dinsdag 31 mei 2011 rond 11 uur hebben we ons "einddoel" bereikt.

Emotioneel, ontroerd en met een trots gevoel stonden we op het plein
rond te kijken. Wat een mensen, wat een toeristen. We hebben dit een
half uur op ons in laten werken en zijn toen met een italiaanse
medepelgrim op zoek gegaan naar Don Bruno. Hij moest ons de laatste
stempel geven in ons pelgrimspaspoort voor het Testimonium. Hij was
echter onvindbaar. Na 3/4 uur kwam hij eraan en kregen we het stempel
van Vaticaanstad. En of we morgen terug willen komen voor het
Testimonium. We krijgen namelijk dan persoonlijk een rondleiding door de
basiliek en zullen (volgens de overlevering) het graf van Petrus
bezoeken. Dit is voor toeristen meestal niet toegankelijk.
Dit is nog een lange (maar gelukkig voor jullie!!!) laatste mail. Wij
gaan Rome bekijken en misschien nog wat andere steden. Dus wanneer we
terug zijn weten we nog niet precies.
We hebben enorm genoten van deze reis, de natuur, de vrijheid. En zijn
dankbaar dat we veilig en gezond en vele ervaringen rijker in Rome
aangekomen zijn. Ook het bijzonder mooie voorjaarsweer (nauwelijks
regen) is niet te bevatten als je een jaar van te voren deze reis gaat
plannen.
Het was voor ons leuk voor julllie te schrijven, en vooral ook jullie
vele lieve, steunende reactie's en smsjes waren erg leuk en hielden
ons op de been.....
We hebben begrepen dat alle goede dingen bestaan uit drieen:
SANTIAGO de COMPOSTELA, ROME, Jeruzalem..............
Tot in Nederland, Lia en Ada